Billyboy had een nosj, zo’n lange die je kon uitklappen, maar hij was een malenk beetje te traag en log in zijn bewegingen om serieuze wred bij iemand aan te rechten. En, mijn broeders, het was mij een waar genoegen om daar zo rond te walsen – links twee drie, rechts twee drie – en wat japen te geven – linkerwang, rechterwang – zodat er daar bij dat winterse sterrenlicht twee gordijnen van bloed tegelijk omlaag leken te stromen aan weerskanten van zijn gore olievette smoelwerk.
Burgess, A., A clockwork orange. Amsterdam 2012, p. 26

Burgess’ verhaal (uit 1962) speelt zich af in de nabije toekomst, een tijd waarin de jongerentaal wemelt van Russische woorden of afleidingen daarvan. Interessant: het boek werd geschreven in een tijd, waarin men nog niet wist welke grootmacht de meeste invloed zou uitoefenen: Amerika of Rusland. Burgess heeft verkeerd gegokt.